Italië 2015

Italië 2015


Zaterdagochtend 5 september rijden Stefan en ik eerst naar Apeldoorn toe. Ap wordt vandaag namelijk vijftig jaar. Ik heb hem echter voorgehouden dat ik niet op zijn verjaardag kan zijn. Hij heeft een aantal keer aangegeven dit niet leuk te vinden, niet wetende dat hij vandaag om 5:30 uur uit zijn bed getrommeld gaat worden. Het was af en toe ook best lastig om het geheim te houden, maar het is toch gelukt.

We hangen eerst slingers op in de tuin en drukken daarna non-stop op zijn voordeurbel. Er gebeurd echter niets. Ik besluit dan hard op de ramen te tikken en op de voordeur te bonken, maar ook dit is zonder resultaat. Zijn telefoon neemt hij ook niet op. Uiteindelijk verschijnt er dan toch een slaperig hoofd uit het slaapkamerraam. We eten gezellig een foto-tompouce en ook de gepimpte rollator en prachtige Geranium vallen in de smaak.

Rond 7:00 uur laten we de jarige jop achter en vertrekken we richting Italië. We weten nog niet precies waar we onderweg zullen gaan overnachten. Eind Duitsland of begin Italië is een optie. We stoppen liever niet in Zwitserland, aangezien de prijzen daar een stuk hoger zijn. We rijden uren door Duitsland en het regent aan een stuk. Tijdens de lunch stoppen we bij een Burger King, maar het is heel erg druk bij de toiletten.

Er zijn net namelijk een aantal bussen met ‘ouwe vellen’, zoals Stefan ze noemt, gestopt. Ik heb zo’n hoge nood dat ik stiekem naar het herentoilet glip. Helaas zijn alle hokjes bezet en ik besluit om zo onzichtbaar mogelijk naar mijn voeten te staren. Mannen kunnen namelijk nog weleens in paniek raken als er een vrouw naast hun piesbak staat. Dan komt er echter een toiletmannetje naar mij toe en hij vertelt dat ik hier niet mag zijn.

Ik doe alsof mijn neus bloed en spontaan geen Duits meer kan verstaan. Om hem duidelijk te maken dat ik echt niet meer kan wachten, steek ik wiebelend een hand tussen mijn benen. Het heeft even wat voeten in aarde, maar hij gaat uiteindelijk dan toch overstag. Ik ben volgens mij nog nooit zo opgelucht geweest om mijn plasje kwijt te zijn. Te lang wachten met het nemen van een plaspauze is dus ook niet handig.

Zes uur later komen we bij de Zwitserse grens aan en besluiten dan om door te rijden tot Como. We worden bij de grens aan de kant gezet voor een controle. Ze controleert eerst onze paspoorten en stelt heel erg veel vragen. Mijn Duits is niet echt geweldig en het is dus een hele opgave om overal een begrijpbaar antwoord op te geven. Tot onze verbazing wilt ze dan ook nog even in de kofferbak kijken. Blijkbaar zien we er, na al die uren in de auto, niet heel erg betrouwbaar meer uit.

De rit gaat verder door het mooie landschap met bergen, tunnels, meren en watervallen. In één van de tunnels hangt echter een hoop rook. Het stinkt ook gigantisch en we zetten het ventilatiesysteem dus maar even uit. Als we de tunnel uitrijden zien we dat het verkeer wordt tegengehouden, niemand mag de tunnel nog in. We hebben dus geluk gehad, want na alle wegwerkzaamheden, zitten we zeker niet op nog meer oponthoud te wachten.

Om 21:30 uur komen we uiteindelijk moe en hongerig in Coma aan. Het is er druk en heel erg toeristisch. We besluiten op zoek te gaan naar een kleinere plaats in de buurt. We rijden over een berg en komen dan ineens een restaurant tegen. Het is al erg laat, dus we stoppen snel voor een bordje pasta. Tijdens het eten zoeken we op internet naar een plek om te kunnen overnachten, maar we kunnen helaas niet echt iets vinden.

We besluiten om het personeel om hulp te vragen. Zij bellen direct een B&B in de buurt, maar deze zit helaas vol. Er blijkt een evenement te zijn en hierdoor zijn de meeste accommodaties volgeboekt. We vrezen dus dat we deze nacht in onze auto moeten doorbrengen. Tijdens het afrekenen vertelt de eigenaar dat we zijn laatste kamer wel mogen huren. Het is een aftandse kamer met een stapelbed, maar we hebben geen andere keuze. Dit weet de eigenaar natuurlijk ook en hij durft er nog vijftig euro voor te vragen.

Uiteraard zijn wij allang blij dat we überhaupt een bed hebben. De badkamer blijkt ook nog eens ergens in de hal verstopt te zitten. We besluiten dus om alleen even onze tanden te poetsen. Dan kruipen we oververmoeid het stapelbed in. Ik lig in het onderste bed en Stefan ligt boven. Het bed kraakt en slingert gevaarlijk op en neer. Ik vrees dat de boel ieder moment kan instorten. Verder prikken de spiralen van het matras pijnlijk in mijn ribben.

Zondag 6 september rijden we, na een simpel ontbijt, richting Manarola. Een oud stadje tegen een berg, grenzend aan zee. Je mag echter met je auto het stadje niet in, maar er zijn te weinig parkeerplaatsen aanwezig. We rijden een aantal keer de berg op en af, maar helaas vinden we geen legale parkeerplaats. Sommige mensen parkeren hun auto langs de kant van de weg, maar we zien ook politie lopen die bekeuringen uitschrijven.

Als we dan eindelijk een parkeerplaats vinden, blijkt dit zeker een uur lopen van het centrum te zijn. We hebben inmiddels honger en zullen op deze manier niet op tijd zijn. In dit soort kleine dorpjes zijn de restaurants en winkels in de middag vaak gesloten. We rijden dus verder en komen dan gelukkig een restaurantje tegen, waar we snel een bordje pasta eten.

Dan rijden we naar Massa en in het centrum vinden we een onbeschermde wifi-verbinding. De Airbnb-verhuurder reageert helaas niet snel op ons berichtje en dus besluiten we een hotel te boeken. Het lijkt alsof we in een toeristische badplaats in Spanje terecht zijn gekomen, inclusief de palmbomen. Het seizoen lijkt inmiddels wel voorbij, waardoor het erg rustig is. Ons hotel ligt dichtbij het strand en hier vinden we ook een gezellig restaurantje. Het uitzicht is mooi en het eten is goed.

Maandag 7 september moeten we uiteraard eerst een ontbijt zien te scoren. We pakken snel onze spulletjes in en gaan dus op zoek naar een supermarkt. Ik probeer onderweg van alle losse onderdelen een gesmeerde boterham te maken, wat niet meevalt in een slingerende auto. Toch weten we onze buiken te vullen en zijn we tegelijkertijd op weg naar onze volgende bestemming.

In Orvieto vinden we op de parkeerplaats nog een vrij plekje. Het is een krappe plek helemaal achterin en terwijl Stefan nog aan het twijfelen is, begint een behulpzame Italiaan driftig te gebaren. Stefan manoeuvreert zich tussen auto’s en bomen door en komt dan uiteindelijk toch op de lege parkeerplek terecht. Gelukkig zien we dat er aan de achterzij van de parkeerplek een ketting hangt, als we onverhoopt worden vastgezet kunnen we er dus toch nog uit.

Orvieto is een leuk dorpje op een heuvel, met prachtige gebouwen en leuke winkeltjes. We lopen eerst naar het gebouwtje waar ze rondleidingen onder de stad geven, maar helaas zijn alle rondleidingen al geweest. Op het plein, tegenover de grote kerk, eten we een bordje pasta. Hierna lopen we een beetje rond, bekijken wat winkeltjes en we eten uiteraard ook een ijsje.

Eind van de middag komen we in Civitella del Lago aan. We hebben hier een leuk vrijstaand huisje op een berg geboekt. Aangezien we een beetje vroeg zijn rijden we eerst naar het dorpje bovenop de berg. Het is een klein dorp en er komen hier duidelijk niet veel toeristen. Alle autoramen staan gewoon open en we worden vrolijk door op een boer op zijn tractor begroet. Er is hier niet eens een supermarkt of restaurant aanwezig.

We zien dan een groep mensen die op straat krakelingen aan het maken zijn. Nieuwsgierig nemen we even een kijkje en een vrouw vertelt dat ze deze voor een feest maken. Ze nodigt ons uit om morgen tijdens het feest ook even langs te komen. Een uurtje later zijn we terug bij het huisje en de verhuurster is inmiddels ook gearriveerd.

De vrouw spreekt geen Engels, maar desondanks blijft ze stug allerlei verhalen in het Italiaans afsteken. In het begin probeer ik er nog iets van te maken, maar na een tijdje krijg ik het idee dat ze het vooral tegen zichzelf heeft. Ze is heel erg druk, chaotisch en is ook telkens alles kwijt. Dan haalt ze een contract tevoorschijn die blijkbaar ingevuld moet worden. Voor ons is het echter onleesbaar en ook de vrouw weet niet precies welke gegevens ze van ons nodig heeft.

Het is behoorlijk vermoeiend en we hopen stiekem dat ze snel zal vertrekken. Er zijn ook veel muggen rond het huisje en inmiddels zit ik al onder de muggenbulten. Dan blijkt ook de ketel het niet te doen en hebben we dus geen warmwater. De vrouw loopt zenuwachtig weg om bij de weg (waar ze verbinding heeft) een monteur te bellen. Ik besluit ondertussen zelf een kijkje te nemen. De knoppen op de ketel lijken goed te staan en als ik de mengkraan naar links beweeg springt de ketel aan en hebben we gewoon warmwater.

Ik haal de vrouw dus weer naar binnen en laat haar zien dat de ketel gewoon werkt. Blijkbaar heeft zij de kraan dus op ‘koud’ gezet in de verwachting dat hij toch warmwater zou gaan geven?! Dan breekt eindelijk het heugelijke moment aan dat ze vertrekt. We moeten echt even bijkomen van deze wervelstorm en daarbij sluiten we ook gelijk de hor-ramen om van het muggenprobleem verlost te zijn.

Dinsdag 8 september gaan we richting Bagnoregio, maar helaas rijden we telkens verkeerd. In de middag is het dan echt te warm om alsnog te gaan, daarnaast is het dan ook altijd erg druk. We besluiten dus om naar Pitigliano te rijden, omdat ik dit dorpje ook graag nog eens wil bezoeken. Dit dorp is tegen een berg aangebouwd en ze hebben hier een fantastisch restaurantje. Helaas is het lastig om een parkeerplaats te vinden rond het dorp. Als we echter door de toegangspoort rijden blijken daar nog voldoende parkeerplaatsen vrij te zijn.

We gaan direct op zoek naar het restaurant, waar ik destijds de pizza-peer graag nog had geproefd. De pizza staat nog steeds op de kaart, maar helaas worden pizza’s niet tijdens de lunch geserveerd. We bestellen daarom allebei een portie Gnocchi, die ook erg lekker is. Daarna is het tijd om door alle smalle straatjes van het dorp te lopen. Uiteraard eten we ook nog een ijsje en maken we veel foto’s.

Op de terugweg halen we in Bolsena bij een groenteboer wat verse tomaten, uien, knoflook en basilicum. Vanavond maken we dus zelfgemaakte tomatensoep. Helaas word het wel een boerenvariant, aangezien er in de keuken niets aanwezig is om ik de soep mee te pureren. De rest van de avond blijven we thuis, we lezen een boekje en doen gezellig een spelletje. Doordat het buiten stikt van de muggen rook ik mijn sigaretje stiekem binnen, hopelijk zal de verhuurster hier niets van merken?

Woensdagochtend 9 september doen we nog een poging om Bagnoregio te vinden. Deze keer lukt het ons! We rijden langs de aangegeven parkeerplaats heen en zetten onze auto direct onder de brug. Helaas hebben we geen kleingeld en daarom gaat Stefan kijken of hij ergens geld kan wisselen. Er is niemand op straat aanwezig, waardoor Stefan bij de parkeerwachter uitkomt. De man is niet erg behulpzaam en zegt niet te kunnen wisselen, terwijl er een kassa voor zijn neus staat. Hij vertelt ook dat we onze auto daar helemaal niet mogen parkeren omdat deze alleen voor bewoners zijn.

Ik kijk nog eens goed bij de parkeermeter, er staat nergens dat we hier niet zouden mogen parkeren. Er staat juist in verschillende talen aangegeven dat je bij het apparaat moet betalen voor een parkeerkaart. De man zal dus gepiekerd zijn dat we onze auto niet bij hem hebben gezet, aangezien hij nu dus niets aan ons verdient. We besluiten het kleingeld dat we hebben in het apparaat te gooien, we zorgen dan wel dat we op tijd terug zijn.

Bij de brug staat ineens ook een mannetje, bij hem moeten we entree betalen. Er is hier dus veel verandert, de voorgaande jaren was die parkeerplaats er nog niet en kon je het spookstadje gratis bezoeken. We lopen over de lange brug naar de ingang toe. Het stadje is op de punt van een berg gebouwd en is alleen via deze brug bereikbaar. Het oogt een stuk netter deze keer, het is inmiddels minder vervallen dan dat het was.

We zien ook overal dat de huisjes aan het opknappen zijn. Er zijn nu dus meer winkeltjes en restaurants aanwezig en zelfs de kerk is open. Het blijft een leuke plek om even rond te lopen. Dan lijkt het ineens alsof er een blik met Aziaten opengetrokken is, het krioelt ineens van de kleine fotograferende spleetoogjes. Het grappige is dat ze zo druk zijn, dat ze eigenlijk helemaal niets zien. Ze zijn echt overal, poseren de hele tijd (zonder echt op de achtergrond te letten) en rennen dan snel weer verder. Ik denk dat ze thuis pas zien waar ze nu eigenlijk geweest zijn :)!

Op het pleintje drinken we nog even een kopje koffie, waarna we terug naar de auto lopen. In Bolsena stoppen we voor een pizza en daarna rijden we naar een meer in de buurt. Vanaf de weg dachten we strandjes te zien en mensen die aan het zwemmen waren. Er blijken echter alleen wat vissers te zijn en alles ligt vol met glas en afval. Ik durf het water niet in te gaan, de kans is groot dat er ook glas in het water ligt.

We besluiten dus maar een wandeling langs de waterkant te maken en vermaken ons ook kostelijk met het scheren van stenen over het wateroppervlak. Iets wat de vissers misschien een minder goed plan vinden. Verder relaxen we een beetje op ons kleedje totdat de zon ondergaat. Dan vervolgen we het geitenpad om te zien waar we dan uitkomen. Stefan probeert onderweg driftig alle stenen en kuilen te ontwijken. Uiteindelijk komen we bij drie huizen uit, waarvan twee woningen inmiddels verlaten zijn.

Donderdag 10 september maken we in de ochtend het huis een beetje schoon. Het ruikt binnen wel een kleine beetje naar rook. Ik zet dus alle ramen tegen elkaar open en bak de overgebleven teentjes knoflook. Dan is de geur helemaal verdwenen. We pakken onze spulletjes in en vertrekken richting Rome. Er zijn onderweg veel files door wegwerkzaamheden. Italianen geven elkaar ook totaal geen ruimte, waardoor we van drie naar één rijbaan een uur in de file hebben gestaan. We hebben ook geen idee waarom dit moest, want ze waren niet eens aan het werk.

Als we bij hotel Casa per Ferie Opera Don Calabria inboeken horen we op de gangen hysterisch geschreeuw. Op internet had ik wel gelezen dat dit een vreemde plek is, maar zo’n ontvangst had ik niet verwacht. In de kelder is een gebedsruimte en door het hele pand hangen gelovige afbeeldingen. Het blijkt dat op de begane grond psychische patiënten en geestelijk gehandicapten te wonen, die door jongeren worden begeleidt. De verdiepingen daarboven blijkt opvang voor kansarme en dakloze mensen.

Op deze verdiepingen verhuren ze, tot onze verbazing, dus ook kamers aan toeristen. De kamer is standaard en de badkamer is niet al te schoon, maar het is zeker geschikt voor een nachtje. Het is wel fijn dat je de auto gratis op het terrein kunt parkeren en op tien minuten loopafstand van een metrostation bent. Dat is ideaal als je Rome wilt bezoeken. We kopen een dagkaart, maar die van Stefan werkt niet. Nadat een bewaker de kaart gecontroleerd heeft doet hij handmatig het poortje voor hem open.

Echter blijkt op elk station hetzelfde probleem te zijn, toch word zijn kaart niet vervangen en moeten we dus telkens iemand zoeken die het poortje kan openen. Na een tijdje begint dit echter ook te wennen. We gaan eerst naar Vaticaanstad, maar het is er heel erg druk. Er staan lange rijen voor de St.Pieterskerk en we hebben geen zin om uren in de brandende zon te staan. We besluiten dus om naar het Colosseum te gaan.

De rijen zijn gelukkig veel korter, maar ook hier is het erg druk binnen. Het is dan ook lastig om nog mooie foto’s te kunnen maken. Ik ben vaker in september naar Italië geweest, maar ondanks het laagseizoen is het dit jaar overal heel erg druk. We eten op een terras een heerlijke lasagne en gaan daarna weer op pad. De Trevi-fontein staat in de steigers en wordt gerestaureerd. Dat is jammer, aangezien dit in de avond altijd een hele gezellig plek is.

Ze hebben nog wel een bakje met water gemaakt, zodat je nog wel een muntje over je schouder kunt werpen. Dit muntje brengt je dan liefde en zal je ooit weer terugvoeren naar Rome. Uiteraard hebben wij ook even een muntje in het water geworpen. Ik heb weleens gelezen dat er elke dag vijftienhonderd euro in de fontein word gegooid, dat is gewoon even vijftigduizend euro per maand.

Hierna wandelen we naar de Spaanse-trappen en nemen even plaats tussen alle mensen die daar zitten. Het is grappig om naar de opdringerige verkopers en selfie-makende-toeristen te kijken. We hebben ook nog even naar de schade gekeken die de Nederlandse voetbalsupporters hier hebben aangericht. Inderdaad is er aan de rand van de fontein wat schade te zien, helaas blijken sommige mensen zich niet als gasten te kunnen gedragen in een ander land…

Bij Mac Donalds eten we even snel een kleffe burger en nemen dan de metro terug naar ons hotel. We zijn moe van het wandelen, de warmte en de drukte. In de kamer is het helaas een enorm kabaal. De vrouw in de kamer naast ons blijft non-stop schreeuwen en na een tijdje besluiten we naar de beheerder te gaan. Deze man spreekt echter geen woord Engels, maar na flink uitbeelden lijkt hij ons te begrijpen.

Terwijl hij met ons meeloopt, ziet hij een paar jongens op de brandtrap staan. Hij geeft ze een standje, waarop de jongens ons verbaast aankijken. Blijkbaar denkt de man dat zij het probleem zijn? We leggen hem nogmaals uit dat het om de vrouw naast ons gaat. Hij klopt aan en begint een gesprek met haar. We weten niet er besproken wordt, maar ze is behoorlijk pissig. Ze heeft een arrogante houding en werpt me een paar dodelijke blikken toe. Gelukkig is het hierna wel wat rustiger en kunnen we eindelijk gaan slapen.

Vrijdagochtend 11 september gaan we voor het ontbijt naar de kelder toe. In een ongezellige zaal staat een tafel met hierop broodjes, crackers, jam, honing, appels en een sapje. Er zijn geen borden aanwezig, maar ze hebben servetten die je onder je boterham kunt leggen. Het is een bont gezelschap; sommigen lijken op studenten, anderen zien er wat alternatiever uit en dan zijn er ook nog verwarde mensen aanwezig. Aan onze tafel zit een man met een blik alsof hij ieder moment je keel kan afbijten, maar gelukkig houd hij het toch bij zijn ontbijtje.

Na het ontbijt rijden we richting Pompei. Het is lastig om de camping te vinden, het blijkt aan een drukke weg te liggen. Omkeren is dus niet echt een succes, maar uiteindelijk weet Stefan de auto er toch tussen te wurmen. Het is een klein terrein met parkeerplaatsen, een aantal kampeerplaatsen en twee laagbouwblokkejn met hotelkamers. Boven onze kamer zit echter een restaurant. In de kamer horen we harde muziek en het constante geschuif van stoelen op een harde tegelvloer.

Bij de receptie vragen we dus om een kamer in het andere complex, maar helaas blijken alle kamers volgeboekt te zijn. Het hotel ligt gelukkig wel erg centraal en binnen vijf minuten lopen zijn we bij de ruïnes. Het is ook hier mega druk, het lijkt wel of ze het hoogseizoen dit jaar met een maand verlengt hebben? Er staan overal hekken en bepaalde stukken zijn deze keer niet toegankelijk door werkzaamheden.

We zijn vergeten om een plattegrond bij de kassa mee te nemen, maar na een tijdje vind Stefan toch een bruikbaar exemplaar in een prullenbak. De zon schroeit op ons lijf, het is vandaag echt heel erg warm. Gelukkig staan overal waterpunten waar we onze waterflessen kunnen vullen. Op het terrein blijkt echter maar een restaurant te zijn en uiteraard zit deze helemaal aan de andere kant. Na overleg met de bewakers van een andere ingang mag Stefan vijf minuten naar buiten om een pizza te kopen. We waren erg blij om eindelijk iets te eten te hebben.

Door de warmte heb ik knallende koppijn en ik besluit een migraine-tablet te nemen. Deze helpt echter totaal niet en dus neem ik er nog maar eentje. Eigenlijk mag je maximaal twee tabletten, verdeelt over een dag, innemen, maar ik wil ons uitje er ook niet door laten bederven. Deze pil helpt helaas ook niet! Het valt me wel op dat deze tabletten kleiner zijn dan normaal en ik ben boos dat de apotheek nu weer een ander merk heeft gegeven.

Einde van de middag zijn we terug in de hotelkamer, waar het echt een enorm kabaal is. Ik loop wederom naar de balie, deze keer zit er een andere jongen die ons direct een kamer in het andere complex geeft. Bij de supermarkt kopen we een halve watermeloen en een warme kip, die we lekker in bed opeten. Ik ga vroeg slapen, maar midden in de nacht wordt ik wakker met hevige migraine. Ik besluit toch nog maar een tablet te nemen.

Zaterdag 12 september worden we verrast door een behoorlijk koude douche. Er komt ook meer water uit de slang dan uit de douchekop. We eten op de kamer nog even een broodje en vervolgen dan onze reis. Vijf uur later komen we in Paola aan. Bij het gehuurde huisje worden we hartelijk ontvangen door een oudere man en een blaffend hondje. De man spreekt geen Engels, maar hij probeert ons vriendelijk alles uit te leggen.

In zijn tuin staat een vierkant betonnen huisje. Het heeft een slaapkamer, een badkamer en een keukentje. Alles ziet er erg netjes en schoon uit. Er is geen wifi-verbinding dus mogen we in de woning de laptop van de man gebruiken. Oma is net klaar met dweilen, maar toch staat ze erop dat we onze schoenen aanhouden. Zijn vrouw zet direct een bakje koffie voor ons, terwijl haar man ons een sigaretje aanbiedt.

Het kopje koffie kan ik gelukkig ongezien naar Stefan doorschuiven, want dit lust ik dus echt niet. Helaas lukt het niet om via Airbnb de volgende locatie te boeken. Ineens vragen ze om mijn paspoort, die ik via deze laptop niet kan versturen. Daarnaast word ik ook helemaal gestoord van een gigantische jeuk aan mijn benen. Het hondje is naast mij onder de tafel komen zitten en ik vrees dat het beestje onder de vlooien zit?!

Na verschillende pogingen bedanken we deze lieve mensen voor hun gastvrijheid en nemen afscheid. De man geeft ons nog snel een trosje druiven mee, die naar wijn blijken te smaken. We rijden richting het strand en hier vinden we inderdaad een wifi-verbinding. Met mijn telefoon maak ik een foto van mijn paspoort, die ik dan ook inderdaad kan versturen. De volgende locatie is nu dus eindelijk geboekt.

Ik kijk nog steeds scheel van de hoofdpijn, het wil maar niet overgaan. Ik neem nog maar een migraine-tablet, maar dan zie ik ineens dat het de verkeerde verpakking is. Ik heb de afgelopen dagen dus al vier anti-diarree tabletten ingenomen. Geen wonder dat mijn hoofdpijn niet minder werd! Het is wel even afwachten hoe mijn darmen hierop zullen gaan reageren. We halen snel een paar boodschappen en gaan dan naar het huisje terug.

Onderweg begint de auto wederom te piepen, dit doet hij al een tijdje terwijl er niets aan de hand lijkt te zijn. Hij geeft aan dat er te weinig koelvloeistof is, maar blijkbaar is hij enkel in de war door de warmte? We houden verder een rustige avond en duiken gezellig met een boekje en wat lekkers het bed in.

Zondag 13 september gaan we in de tuin ontbijten. Helaas zijn er erg veel wespen en moeten we hierdoor naar binnen vluchten. We nemen daarna afscheid van de verhuurder en rijden naar Villa San Giovanni. Onderweg probeert Stefan bij een selfservice-pomp te tanken, maar onze bankpas wordt helaas geweigerd. Gelukkig komen we niet veel later een andere pompstation tegen. Terwijl Stefan tankt loop ik even naar het winkeltje. De mannen die daar zitten zijn erg vriendelijk en ik krijg zelfs een gratis koffie aangeboden. Die ik buiten uiteraard direct aan Stefan geef.

Bij de haven blijken we geluk te hebben, de boot komt net aanvaren. We rijden de boot op en tot onze verbazing wordt de brug gelijk opgehaald. Er was eigenlijk nog ruimte voor meer auto’s, maar ze lijken snel te willen vertrekken. In het restaurant bestellen we een broodje, maar zien dan dat de mensen alweer terug naar hun auto lopen. De overtocht blijkt dus veel korter te zijn dan wij dachten en vijftien minuten later zijn we dus al in Messina (Sicilië).

We vinden gelukkig direct een wifi-verbinding en sturen de verhuurders een berichtje dat we over een uur in Rovittello zullen zijn. In het juiste dorp is het echter lastig om een verbinding te vinden en we weten dus niet waar de verhuurders op ons staan te wachten. Gelukkig vinden we in het kleine uitgestorven dorpje dan toch een winkeltje met een verbinding; we moeten dus bij de kerk zijn.

Aangezien we vroeg zijn besluiten even onze benen te strekken. Dan zie ik ineens vruchten in een cactus hangen en ik besluit om er eentje te plukken. Dat is niet erg slim want direct zitten mijn handen onder de stekels. Het zijn kleine harige prikkers die behoorlijk pijn doen en lastig te pakken zijn. Stefan plukt ze zorgvuldig uit mijn handen en voordat we ons nog meer schade kunnen aanbrengen, komen de verhuurders gelukkig aanrijden.

De vrouw is enthousiast aan het zwaaien en geeft ons hartelijk een knuffel en een zoen. Ze spreekt gelukkig goed Engels en vertelt dat we achter hen aan moeten rijden. We slaan, over het spoor, direct een klein weggetje is. Het is een zandpad door een wijngaarde heen. Een paar honderd meter verder stoppen we bij een leuk vrijstaand huisje dat uitkijkt op de Etna.

Het is hier echt heel erg rustig. Achter het huis is een zwembad met zonneterras en muziek, terwijl aan de voorzijde een veranda met schaduw is. In de keuken staat een taart die door zijn moeder gebakken is. Na dagen door Italië te hebben gereden en telkens onderweg te zijn, is dit precies wat wij nodig hebben. Stefan en ik kijken elkaar even aan en we hoeven verder niets meer te zeggen. Ik vraag dus direct of het mogelijk is om een nachtje bij te boeken en dat is gelukkig geen probleem.

Dan verdwijnt het stel en wij duiken direct het zwembad in. Je kunt hier gewoon naadloos bruin worden! Als we lekker zijn afgekoeld storten we ons op de heerlijke taart. Wat een ontvangst en wat een gave plek…dit is vakantie! Een dorpje verderop komen we een Lidl tegen om wat boodschappen te halen. Onderweg komen we dan ook nog een grote ongezellig pizzeria tegen. Er is in deze omgeving bijna niets te doen en daarom eten we hier in het lege restaurant dan toch maar een bord pasta.

De rest van de avond zitten we lekker met een kopje thee en kaars-verlichting op de veranda. Dit is echt een geweldige plek, het liefst zouden we het huisje overkopen en nooit meer weggaan.

Maandag 14 september beginnen we de ochtend met we met een wasje draaien, maar het is nog een gedoe om uit te vinden hoe een wasmachine met een bovenlader werkt. Ik ben dan al bijna de helft van de was kwijt als de trommel ineens naar beneden draait met het luikje nog open. Uiteindelijk hang ik dan toch de frisse kleding buiten aan het wasrekje, waarbij ik een prachtig uitzicht heb op de rokende vulkaan.

Rond de middag rijden we naar Taormina toe. Het is heel erg warm vandaag. In het centrum eten we eerst een erg lekkere pizza. Taormina is een leuk stadje, maar wel erg druk en toeristisch. Vanaf het centrum heb je ook een leuk uitzicht over de baai, waar bootjes liggen. Bij een kraampje zien we dat ze broodjes met ijs verkopen. Dit is een Siciliaanse specialiteit, maar we zitten nog zo vol van de pizza dat we toch maar besluiten om door te lopen.

Bij ons huisje nemen we eerst een duik in het verfrissende zwembad. We zijn net op tijd, want niet veel later komt Papa Francisco om het zwembad schoon te maken. Terwijl een robot door het zwembad gaat is hij druk bezig in de de wijngaard. Niet veel later komt hij ons dan ook een paar verse tomaten brengen. Het is jammer dat we geen gesprek met hem kunnen voeren.

In de avond eten we in een restaurantje in de buurt. In eerste instantie lijkt het alsof ze onze bestelling verkeerd begrepen hebben, maar het blijken gewoon mega grote porties te zijn. Het voorgerecht is lekker, maar het hoofdgerecht valt helaas een beetje tegen. We gaan daarna even boodschappen halen en zitten de rest van de avond buiten op ons terras.

Dinsdag 15 september zien we dat de grote wolken boven de Etna toch rookwolken blijken te zijn. We vragen ons af of alles wel goed, maar waarschijnlijk komt iemand ons toch wel waarschuwen als de vulkaan op uitbarsten staat? Na het ontbijt besluiten we dus maar eens naar de Etna te rijden om zelf een kijkje te nemen. Op de parkeerplaats heb je een prachtig zicht op de vulkaan en alles is bedekt met zwarte lava. Er zijn ook allerlei winkeltjes en ik koop een armbandje van lavasteentjes. Er blijkt ook een excursie naar de top van de vulkaan te zijn. Voor 70,- euro per persoon wordt je dan met een jeep naar boven gereden, waarna je nog 45 minuten moet lopen. We besluiten het uiteindelijk toch niet te doen.

We wandelen een beetje door het zwarte landschap en zoeken naar een mooie lavasteen om mee naar huis te nemen. Als ik echter naar het toilet wil gaan, blijken deze gesloten ivm een stroomstoring. Er is hier op de vulkaan ook geen enkele mogelijkheid om even stiekem achter een boom of struik te gaan zitten. Ik moet zo nodig plassen dat ik na een tijdje dan toch maar pontificaat voor het toilethokje ga zitten. Je moet toch wat…

Wij vinden het hier allebei zo fijn, dat we eigenlijk wel iets langer zouden willen blijven. Snel rijden we dus naar onze internet-hek om Francisco een sms te sturen en hij vindt onze verlenging gelukkig ook een goed plan. We vermaken ons de rest van de dag bij het zwembad met reggae muziek, een koude Corona, een mango en een ananas. Het leven is goed tot dan toch ‘de plicht’ roept; er staat inmiddels namelijk een grote berg aan afwas op het aanrecht.

We nemen een douche en tutten onszelf op voor het avondeten. Dan komen de ouders van Francisco echter langs. Mama heeft heerlijke koekjes voor ons gebakken en zij heeft tevens schoon beddengoed en een schaaltje druiven bij zich. Het is zo lief dat ze telkens iets lekker komen brengen, dat wij bij de supermarkt even een plantje en een doosje bonbons kopen. Dan zien we dat we het volgende huisje op de verkeerde datum hebben geboekt en moeten we dus weer langs het internet-hek om dit aan de verhuurder uit te leggen.

Op de slecht verlichte hoofdweg is het lastig om iets te vinden en de restaurants die we wel vinden blijken gesloten te zijn. Veel panden staan inmiddels ook leeg. Dan zien we ineens een bordje langs de kant van de weg dat naar restaurant Terra Mia erwijst. We rijden een donker en verlaten pad in zonder verlichting. Dan zien we uiteindelijk een paar lampen branden en hier, in the middle of no-where, blijkt dan toch echt een restaurant te zitten.

Het is een chique restaurant met een leuk buitenterras. Het voorgerecht is meloen met ham en brochettes met tomaat. We bestellen daarna een hoofdgerecht en besluiten dan voor de meest onbekende namen te gaan. Ik krijg een zwarte spaghetti met vis en knapperige broodkruimels. Het ziet er niet aantrekkelijk uit, maar het smaakt heerlijk. Stefan krijgt een lekkere tagliatelle met tomatenpeso en amandelen. Ondanks dat we eigenlijk al helemaal vol zitten besluiten we er toch nog een chocolade cake en crème brullee in te proppen.

Ik kan me niet herinneren ooit zo lekker gegeten te hebben en ook de rode wijn is fantastisch. We hebben echt een geweldige avond gehad en de rekening valt ook nog eens mee. Voor al dit lekkers hoeven we slechts 60,- euro te betalen. Als klap op de vuurpijl krijgen we van de eigenaresse ook nog een glaasje amandelwijn.

Het is inmiddels al erg laat, maar we willen toch nog even langs het internet-hek rijden om te kijken of er een berichtje is van de volgende verhuurder. Hij blijkt het gelukkig niet erg te vinden dat we nu later bij hem arriveren. We moeten alleen de boeking nog even voltooien, maar dan verschijnt er telkens een error in beeld. Na drie keer proberen checkt Stefan zijn rekening en tot onze verbazing blijken de bedragen wel telkens van zijn creditcard te zijn afgeschreven. We hopen dat het verder goed zal komen en rijden terug naar ons huisje, waar we met een volle maag in bed kruipen.

Woensdag 16 september lijkt het wederom warmer te zijn dan de dagen hiervoor. Francisco heeft ook al aangegeven dat we erg veel geluk hebben met het weer, aangezien het normaal in september veel kouder is. We besluiten om de hele dag lekker bij het zwembad te blijven liggen. Je kunt hier gewoon in je blote kont zwemmen en de muziek heel hard zetten, zonder dat iemand last van je heeft. Er liggen vandaag alleen wel veel insecten in het water; op de bodem liggen zelfs levende spinnen die hun prooi nog vast hebben: CREEPY! Stefan vist ze er gelukkig allemaal met een netje uit.

Donderdag 17 september brengen we nog een dagje aan het zwembad door. In de avond rijden we wederom naar Terra Mia toe, ook vanavond zitten er weer veel Nederlanders in het restaurant. De eigenaresse vertelt dat Sicilianen van heel veel eten voor heel erg weinig geld houden. Zij moet het dus vooral van de toeristen hebben, aangezien de mensen in de omgeving haar restaurant te duur vinden. Ondanks dat ik al de hele dag misselijk ben en hoofdpijn heb, bestel ik toch een lekker glaasje rode wijn.

Als voorgerecht krijgen we een schaal met verschillende soorten kazen en worst. De hoofdgerechten zijn tagliatelle en beefrolletjes met aardappelpuree. Ik krijg niet veel eten naar binnen, maar gelukkig eet Stefan voor twee. Wij zijn de laatste gasten als er ineens een politieauto voorbij komt rijden. We maken een grapje dat de eigenaresse vast de politie heeft gebeld aangezien Stefan deze keer ook een glaasje wijn gedronken heeft. De eigenaresse nodigt ons vervolgens weer uit voor een wijntje van het huis en op dat moment komen de agenten de zaak inlopen.

De eigenaresse begint met opruimen en kletst gezellig met de agenten. Ondertussen genieten wij van het dessertwijntje en een schaaltje met zoete hapjes. De eigenaresse vertelt ons later dat de politie zich hier helemaal niet bezig houdt met dronken chauffeurs en tot onze verbazing weet ze niet eens hoeveel promillage is toegestaan. Dat werkt hier dus heel anders dan in Nederland. Het is weer heel erg laat als we terug naar huis rijden en we hebben wederom een geweldige leuke avond gehad.

Vrijdag 18 september krijgen we ineens een sms dat onze volgende locatie geweigerd is. Blijkbaar is er dus toch iets fout gegaan tijdens de boeking. We rijden snel naar het internet-hek, maar hier is ineens geen wifi-signaal meer. De mensen keken ook telkens heel erg geïrriteerd naar ons en het lijkt erop dat ze iets in de instellingen hebben verandert. We balen flink en we weten ook niet wat we nu moeten doen.

Papa en mama komen de sleutel innemen en ze zijn blij verrast met de bonbons en het plantje. Ik krijg zelfs een dikke knuffel van mama. We gaan op weg en onderweg proberen we telkens om ergens een wifi-signaal te krijgen. Daar zit ik dan met de telefoon op schoot, maar telkens zijn de verbindingen te zwak of beveiligd met een wachtwoord. We raken steeds meer in de stress, er is hier op Sicilië gewoon nergens een internetverbinding te vinden! Dan worden we ineens gebeld door een mevrouw van Airbnb, zij spreekt goed Engels en we leggen dus uit wat er aan de hand is.

Zij begrijpt de situatie, maar mag helaas niet zelf op de reserveringsknop drukken. Wij moeten dus alsnog proberen om ergens verbinding met het internet te krijgen en over een uur belt ze ons terug. Een paar uur later hebben we de mevrouw een aantal keer aan de lijn gehad, maar hebben we nog steeds geen internet gevonden. Dit is geen leuke manier van vakantie en de moed begint ons aardig in de schoenen te zakken. Gelukkig heeft ze uiteindelijk ook de eigenaar van de woning gesproken en hij heeft gezegd dat we gewoon moeten komen en in de buurt dan via internet de bevestiging kunnen maken.

Bij aankomst neemt een vrouw ons mee naar een groot winkelcentrum op 15 minuten rijden van het huisje. Hier is inderdaad gratis internet aanwezig. Na zes uur rijden en flink stressen kunnen we nu dan eindelijk de bevestiging geven. Het vrijstaande huis is erg leuk, we hebben ook hier twee terrassen en hebben uitzicht op een dorpje tegen een berg. Heel toevallig heet deze eigenaar ook Francisco en hij blijkt zelf in Rome te wonen. We moeten het deze keer dus ook met een hele lieve mama doen, die geen woord Engels spreekt.

Ze laat zien dat de hele koelkast vol met eten en drinken staat en gebaart dat we alles mogen gebruiken. Verder heeft ze ook nog eens een grote schaal met pasta voor ons gemaakt. Wij zijn behoorlijk moe van de reis en zetten dus snel de pastaschotel in de oven. Op het terras buiten stikt het van de muggen, maar na de nodige Deet is het goed te doen. Het is heerlijk om eindelijk even rustig met een bordje pasta en een koud biertje van het uitzicht te kunnen genieten.

Zaterdag 19 september zitten we vroeg op het terras te ontbijten, als we papa en mama beneden op het stukje land zien werken. Papa komt zich even voorstellen, terwijl mama met verse druiven naar binnen rent. Ze blijft echter heel lang weg en ik besluit te gaan kijken waar ze gebleven is. Dan zie ik ineens dat ze vrolijk onze afwas van de vorige dag staat te doen. Ik probeer haar uit te leggen dat zij dit niet hoeft te doen, maar ze is vastbesloten! Het enige wat ik dan nog kan doen is een theedoek pakken en even meehelpen.

Het vrouwtje trekt me aan mijn arm van links naar rechts door de keuken om van alles uit te leggen. Uit een kastje tovert ze een pot met zelfgemaakte tomatensaus en voordat ik het in de gaten heb wilt ze onze lunch gaan maken. Gelukkig weet ik haar ervan te overtuigen dat we straks weggaan en dus niet hier zullen eten. Dan trekt ze me de tuin in en trekt een kast open. Er staat een wasmachine en er ligt een blok bruine zeep. Na een tijdje ben ik dan eindelijk van alles op de hoogte en dan vertrekt ze weer.

Wij trekken onze zwemkleding aan en gaan op weg naar het eiland Vulcano. Bij de haven rijden we heel veel rondjes tot een man ons uiteindelijk uitleg geeft over de parkeerplaatsen. Onze auto moet op een blauwe parkeervlak staan en dan dienen we bij een tabakszaak een dagkaart kopen. De tickets voor de boot blijken 75,- euro per persoon te kosten en helaas zijn ook alle ochtendboten al vertrokken. De volgende boot vertrekt pas om 15:00 uur, waardoor we aan het einde van de dag aankomen. We willen het eiland graag zien, maar hebben dan nog maar erg kort tijd.

Eerst gaan we een hapje eten, maar alle restaurants zijn erg toeristische en druk. Uiteindelijk vinden we een tentje waar we een pasta kunnen eten. We besluiten de boottrip niet te maken en de planning om te gooien. Bij een grote winkelcentrum doen we boodschappen, waarna we naar het stadje op de berg rijden. Het blijkt Santa Lucia di Mela te heten. Op de top van de berg staat een groot kasteel. Er begint net een kerkdienst, de bellen lijken wel op hol te slaan en overal vandaan komen mensen aanlopen. Via de smalle straatjes dalen we eerst de berg af, om daarna weer naar boven te klimmen. Dan klinkt er ineens keiharde housemuziek door het hele stadje heen. Blijkbaar heeft iemand zijn boxen opengegooid en je voelt het stadje gewoon trillen.

Na een frisse douche gaan we op zoek naar restaurant La Pergola. Het blijkt een heel groot gebouw te zijn en het is er vreselijk druk. Blijkbaar is dit dus zo’n vreetschuur waar de eigenaresse van Terra Mia het over had? Gelukkig blijkt er ook nog een mega druk dakterras te zijn waar ze een tafeltje voor ons hebben. De ober komt informeren of we het vaste menu willen eten, we stemmen in ondanks dat we geen idee hebben wat dit inhoudt. We krijgen eerst een fles water en een fles rode wijn. Dan word de tafel volgezet met 10 voorgerechten, waarna er 4 schalen met pasta gebracht wordt. Ik zie op de andere tafels nog allerlei andere gerechten staan en dus besluit ik het maar rustig aan te doen met de pasta’s.

Na een tijdje wordt de tafel leeggehaald en brengt de ober vier soorten vlees. Alles is goed te eten, maar we ploffen inmiddels bijna uit elkaar. We informeren dus snel even bij de ober of er toevallig nog meer eten gepland staat. Hij begrijpt gelukkig dat we propvol zitten en informeert of we nog wel een Sorbet Limone lusten. Daar ben ik mega dol op, dus daar zeg ik zeker geen nee tegen. Stefan neemt liever een kopje koffie. Gelukkig slaan we nu wel de dessertwijn en een hele schaal met koekjes over.

Wij kunnen echt wel veel eten, maar dit zijn echt belachelijke porties. Hoe krijgen die Sicilianen het weg? Bij de kassa wordt onze verbazing alleen maar groter, dit alles bleek maar 25,- euro per persoon te kosten. Rond 23:30 uur zijn we terug bij ons huisje. Ergens in de berg horen we een bandje spelen. We besluiten naar bed te gaan, al is slapen met zo’n volle buik niet echt fijn.

Zaterdag 20 september nemen we afscheidt van de ouders van Francisco en rijden we terug naar de veerboot. We rijden naar Saturnia waar we een hotelovernachting geboekt hebben. Het is lange rit, we eten onderweg kleffe broodjes van de pompstation, het is druk rond Rome en de hele weg hangt er een irritant laag zonnetje. Het is een mooi complex met nette kamers. Oververmoeid vallen we direct in slaap.

Zaterdag 21 september lopen we eerst naar het restaurant toe. Het ontbijt is erg uitgebreid en we nemen het er flink van. Naast ons zitten twee mannen die erg opvallen. Ze blijven naar het buffet lopen en lijken voor zes te eten. Als we beter kijken blijken ze asociaal het eten in hun tas te stoppen. Ik kan het niet laten of even afkeurend met mijn hoofd te schudden, de mannen gaan er dan direct vandoor.

We lopen richting de waterval, een aardige Italiaanse vrouw loopt even een stukje met ons mee om de weg te wijzen. Als we in de buurt komen ruiken we de zwavellucht al. We gaan in een bak met warm water zitten, het voelt heel ontspannend. Daarna gaan we even onder de harde stralen van de waterval staan om een lekker rugmassage te krijgen. Stinkend gaan we terug naar het hotel om een douche te nemen. Dan zien we ineens dat onze zilveren kettingen helemaal zwart zijn uitgeslagen.

Voor de lunch gaan we naar Sorano, een klein rustig dorpje. Bij een kaaswinkeltje eten we een heerlijke schaal met verschillende kaasjes en worstjes. We wandelen gezellig door het leuke dorpje en maken nog wat foto’s. In de buurt is een kasteel, maar hier is het een beetje saai. Uiteraard heb ik ook nog even een begraafplaats bezocht, maar deze was minder indrukwekkend ik in Italië gewend ben. We eten in Saturnia, maar ook dit is geen succes. We boeken onze volgende accommodatie en gaan op tijd slapen.

Maandag 22 september komen we in de avond in Baden-Wurttemberg aan. Het is al laat en we zijn gebroken van de lange rit. Het is een goedkope en basic kamer, maar zeer geschikt tijdens een doorreis. Morgenvroeg vertrekken we voor het laatste stuk en dan zullen we rond de middag thuis aankomen.