Auschwitz 2016

Auschwitz 2016

Donderdag 5 mei vertrekken we rond 6:00 uur met mijn vader naar Polen. In Duitsland staan we door wegwerkzaamheden tweemaal in een file. Uiteindelijk komen we rond 20:00 uur op onze bestemming aan; het Poolse dorpje Porąbka. Het dorpje ligt op een berg en via een bruggetje steken we het water over. Zoals afgesproken rijden we eerst naar een Nederlands sprekende vrouw waar de huissleutel ligt.

Daarna kunnen we eindelijk op zoek naar ons huisje, maar deze blijkt lastig te vinden. Het is een prachtige groene omgeving, maar de weg is onverhard en er is geen straatverlichting aanwezig. Na lang zoeken vinden we een oude buurvrouw die met haar handen en voeten ons duidelijk maakt waar de woning is. Aangezien het inmiddels al laat is, maken we snel een grote pan groentesoep. Met een volle buik en moe van de reis kruipen we het bed in. 

Vrijdagochtend 6 mei word ik vroeg wakker aangezien er geen gordijnen voor de ramen hangen. In de woonkamer zit pa al aan tafel, hij blijkt twee uur geleden al wakker te zijn geworden. Snel springen we onder de douche en met een boterham in de hand rijden we naar Auschwitz-I.

In Nederland hebben we namelijk geprobeerd om individuele tickets te bestellen, maar dat is niet gelukt. Chris, de eigenaar van het huisje, heeft voor ons gebeld en hij vertelde ons dat we voor opening bij de kassa moesten zijn voor early-bird tickets. Auschwitz is snel gevonden, in een woonwijk parkeren we de auto.

Bij de kassa staat inmiddels al een flinke zwerm ‘vroege vogels’, maar de rij loopt vlot door. Helaas verhuren ze geen audio-guide zoals op de website wel vermeldt stond. Bij het boekwinkeltje kopen we dus maar een informatieboekje en plattegrond. Dan is het tijd om in de rij van het museum aan te sluiten. 

Binnen worden al je spullen streng gecontroleerd en ga je door een metaaldetector heen. Stefan en ik zijn inmiddels al binnen, maar we zien dat pa niet door de controle komt; zijn tas blijkt net een paar centimeter te groot te zijn. Als ik zie dat hij zich weer door de mensenmassa richting de uitgang wurmt, besluit ik achter hem aan te gaan. Bij een huisje naast het museum moet hij zijn spullen in bewaring geven. Snel stoppen we alle waardevolle spullen in een doorzichtig tasje (die wel mee naar binnen mag) en de rest laten we inderdaad achter.

Makkelijker gezegd dan gedaan, want voor deze ‘extra service’ moet je wel betalen. Helaas accepteren ze geen euro’s en de enige Zlotys die we hebben zit bij Stefan in zijn broekzak. Inmiddels beginnen we aardig geïrriteerd te raken. Ik besluit terug naar het museum te lopen in de hoop dat Stefan daar nog ergens staat te wachten. Naast de toiletten kun je een stukje van de controleruimte zien en ik besluit zijn naam een paar keer hard te roepen. Gelukkig hoort hij ons en ook hij komt naar buiten toe. Na betaling van de Zlotys kunnen we dan eindelijk weer in de rij gaan staan en deze keer lukt het om alledrie binnen te komen.

Auschwitz-I werd destijds als gevangenenkamp opgeleverd en deed later dienst als administratieve centrum van het gehele complex. Boven de ingang hangt de spreuk ‘Arbeit macht frei’, dat de indruk van een werkkamp moest wekken. In dit kamp werden ongeveer 70.000 mensen omgebracht, voornamelijk Poolse intellectuelen, Russische krijgsgevangenen en Joodse arbeidsongeschikten. In eerste instantie werden de gevangenen doodgeschoten. Bij toeval werd ontdekt dat ZyklonB, waarmee kleding gedesinfecteerd werd, zeer dodelijk was als het in aanraking met lucht kwam.

In december 1941 werd de oude munitiebunker omgebouwd tot gaskamer en crematorium. Dit gebouw is nog intact en het is bizar om in een ruimte te staan waar zoveel mensen vermoord zijn. Met afschuw kijken we naar het luikje in het plafond, waar de gaskristallen naar binnen werden gegooid. De volgende deur brengt je naar het crematorium, er staan hier vier kleine verbrandingsovens. De lichamen werden vanuit de gaskamer dus direct naar de ovens gedragen. Je kunt je niet voorstellen welke gruwelijke beelden de mensen, die deze taak moesten vervullen, hebben gezien.

Verder staan er diverse grote gebouwen op het terrein, waaronder een ziekenhuis en keuken. In sommige gebouwen werden medische experimenten uitgevoerd; tweelingen werden ingespoten met bacteriën en organen werden zonder verdoving verwijderd. Ook werden er mensen geëlektrocuteerd om uit te zoeken welke stroomsterkte dodelijk is, de uitkomst hiervan vormt nog steeds de basis van onze aardlekschakelaars. Vrouwen werden daarnaast met diverse chemicaliën ingespoten voor onderzoek naar sterilisatie.

Er staan ook gevangenissen op het terrein, vanuit hun cel konden ze op een pleintje kijken, waar regelmatig mensen geëxecuteerd werden. Deze muur staat er nog en de kogelgaten zijn zichtbaar. Mensen leggen er bloemen neer en er ligt een grote kei met de tekst ‘nie wieder’.

We zijn erg onder de indruk van alles wat we gezien hebben en besluiten eerst te gaan lunchen. Daarna rijden we met de auto naar Auschwitz-II.

Auschwitz-Birkenau was een vernietigingskamp, het werd in 1942 officieel geopend. Birkenau was de Duitse naam voor het Poolse dorpje Brzezinka, dit dorp werd gesloopt om het kamp te kunnen bouwen. Je loopt het kamp binnen via een grote toegangspoort, waar ook een spoorlijn naar binnen gaat. Het terrein is immens groot, je kunt je de omvang van 175 hectare niet voorstellen als je het niet gezien hebt. Behalve Joden, Sinti en Roma werden hier ook gewone burgers gevangen gehouden en gedood.

Op het terrein staan twee bunkers met gaskamers. De eerste bunker ligt in het noorden, deze heeft twee gaskamers en werd het ‘rode huis’ genoemd. De tweede bunker ligt in het westen, deze heeft vier gaskamers en werd het ‘witte huis’ genoemd. Beide bunkers en ander bewijsmateriaal van de massavernietiging zijn door de nazi’s vernietigd. De brokstukken liggen er nog en we zien een groepje Joodse jongeren met een vlag er naar kijken.

Begin 1945 trekt het Rode Leger het kamp binnen, zij vinden dan nog ongeveer 7500 uitgeputte en doodzieke gevangenen. In de opslagruimten liggen meer dan één miljoen kledingstukken, 7000 kilo vrouwenhaar en duizenden schoenen. Door de jaren heen hebben ruim achtduizend nazi’s In Auschwitz gewerkt, slechts vijftien procent van hen zijn veroordeelt. De rest is na de oorlog gevlucht of door gebrek aan bewijs met al deze gruwelijkheden weggekomen. Commandant Rudolf Hoss is wel veroordeelt, hij werd in 1947 naast het crematorium van Auschwitz-I opgehangen.

Aan het eind van de middag hebben we beide kampen gezien, een bizarre en vermoeiende dag. Tijdens het avondeten praten we nog lang na over alles wat we in de kampen gezien hebben. We besluiten daarna een potje Triviant te spelen om onze zinnen te verzetten. Het is een gezellige avond en een weekendje zonder internet bevalt eigenlijk best wel goed.

Zaterdag 7 mei staan we weer vroeg naast ons bed. Vandaag hebben we gelukkig wel de tijd om rustig wakker te worden en samen te ontbijten. Aan het eind van de ochtend rijden we naar Krakau, dit blijkt verder te zijn dan we dachten. Er zijn veel kerken en we steken ergens een kaarsje aan. We drinken een drankje op het plein en eten daar bij een kraampje het lekkerste worstje ooit.

Uiteindelijk wandelen we door een Joodse wijk, maar hier zijn alleen wat winkeltjes en restaurants voor toeristen. We nemen een kijkje binnen de muren van de ghetto, in de oorlog werden de Joden hier afgeschermd van de rest van de wereld. Uiteindelijk komen we in een leuk steegje uit met een restaurant. Het eten is heerlijk en geven onze vermoeide voeten even wat rust.

Het valt ons op dat er telkens groepen met toeristen door het steegje lopen en bij een trap blijven staan kijken. We worden steeds nieuwsgieriger en komen er uiteindelijk achter dat dit de trap is uit de film Schindlers List. Een Joods meisje verschuilt zich in de film onder deze trap, terwijl het Duitse knaapje besluit haar niet te verraden.

Zondag 8 mei vertrekken we vroeg richting Nederland. Onderweg komen we helaas ook weer in files terecht door wegwerkzaamheden en ongelukken. In Nederland gaan we snel nog even naar de Burger King en rond 21:00 uur zijn we dan eindelijk thuis. We zijn behoorlijk moe en morgen moeten we helaas weer gewoon naar het werk. Het was wel een erg leuk en indrukwekkend weekend.